Niet kunnen leven zoals je zou willen betekent niet dat je niets waard bent.
De afgelopen jaren heb ik vaak geworsteld met dezelfde vraag.
Wat voeg ik eigenlijk nog toe?
Ik ben al jaren volledig afgekeurd. Niet omdat ik niet wil werken, maar omdat mijn lichaam en mijn hoofd simpelweg niet meer kunnen wat ik zo graag zou willen. Toch verdwijnt daarmee het verlangen niet. Het verlangen om mee te doen. Om iets bij te dragen. Om van betekenis te zijn.
En misschien is dat wel een van de moeilijkste gevolgen van trauma en langdurige uitval. Niet alleen de angst, de herbelevingen of de vermoeidheid, maar ook het gevoel dat de maatschappij doorgaat terwijl jij aan de zijlijn staat.
Soms ben ik bang dat anderen mij daardoor minder waard vinden.
En als ik eerlijk ben, ben ik misschien nog wel banger dat ik mijzelf soms minder waard vind.
Juist vanuit die worsteling ontstond mijn zoektocht.
In de loop van de jaren heb ik veel geschreven: brieven, teksten voor mezelf en gedichten. Soms om overeind te blijven, soms om iets te verwerken en soms om te delen. Schrijven heeft mij altijd geholpen.
Langzaam ontstond het idee om mijn verhaal op papier te zetten. Niet om medelijden op te roepen. Ik ben niet zielig. Ik sta nog steeds. Ik leef. En ik probeer iedere dag opnieuw een weg te vinden binnen de mogelijkheden die ik wél heb.
Dat werd uiteindelijk mijn boek Wanneer mijn zwijgen breekt.
Met dat boek hoopte ik vooral iets te bieden wat ik zelf jarenlang heb gemist: herkenning en erkenning. Dat iemand zich minder alleen voelt. Dat er wat meer begrip ontstaat voor wat trauma en een onveilige jeugd met een mens kunnen doen.
Tijdens het schrijven ontdekte ik dat er eigenlijk steeds dezelfde vraag onder alles lag,
“Wie ben je als je voortdurend moet leven naar de verwachtingen van anderen?”
Als kind leerde ik verschillende rollen spelen. Op school was ik iemand anders dan thuis. Bij familie weer iemand anders. Altijd bezig met aanpassen. Altijd en overal was ik bezig met overleven.
In het opgroeien met deze noodgedwongen rollen heb ik niet de gelegenheid gehad om te ontdekken en te ontwikkelen wie ik eigenlijk ben zonder al die rollen.
Toen mijn boek af was, besefte ik dat die zoektocht helemaal niet voorbij was.
Sterker nog, misschien begon hij daar pas echt.
Ik ben nog steeds op zoek naar een manier waarop ik iets kan betekenen zonder mezelf steeds voorbij te lopen. Naar een leven waarin er ruimte is voor mijn beperkingen én voor mijn verlangens en dat in een balans.
Naar een antwoord op de vraag hoe je opnieuw betekenis kunt geven aan je leven wanneer de weg die je ooit voor ogen had, niet meer mogelijk blijkt.
Blogs schrijven voelt daarin als een logische volgende stap. Net als fotograferen. Niet omdat ik daarmee iets hoef te bewijzen of alsnog wil voldoen aan het beeld van een “productief” leven, maar omdat dit manieren zijn waarop ik iets van mezelf kan geven zonder mezelf te verliezen, als ik het onder controle en in balans weet te houden.
Daarom wil ik hier niet alleen verhalen delen over trauma of CPTSS, maar juist ook over alles wat er in mijn leven voorkomt. Over identiteit. Over verlies. Over hoop. Over de voortdurende balans tussen willen en kunnen. Over de kleine overwinningen, de terugvallen en de vragen waarop misschien nooit een definitief antwoord komt.
Ik schrijf niet vanuit de overtuiging dat ik weet hoe het moet. Ik schrijf omdat ik geloof dat herkenning kan helpen. Dat woorden soms kunnen verlichten wat jarenlang onuitgesproken bleef. En omdat ik hoop dat we elkaar onderweg iets kunnen meegeven.
Misschien herken je jezelf in mijn verhalen. Misschien juist helemaal niet. Maar als mijn woorden je af en toe laten stilstaan, je een nieuw inzicht geven of je het gevoel geven dat je niet de enige bent die worstelt, dan is dat voor mij al van grote waarde.
Dit is niet alleen het verhaal achter mijn boek.
Het is het begin van alles wat daarna nog geschreven mag worden.
Geraakt door dit verhaal? Ontvang nieuwe verhalen en gedachten direct in je inbox, rustig in je eigen tempo.

Plaats een reactie