Een ode aan mijn moeder
Misschien is deze titel gek.
Misschien verwachten mensen, zeker als ze weten wat er tussen ons is gebeurd, dat ik alles behalve een ode aan jou zou willen schrijven. Dat ik vooral zou willen vertellen over de pijn, over alles wat er mis is gegaan en over de reden waarom jij uiteindelijk niet meer in mijn leven bent.
Maar toch voelt deze titel goed.
Want hoe ver wij inmiddels ook van elkaar verwijderd zijn, jij blijft mijn moeder. Dat verandert niet door afstand. Niet door pijn. Niet door alles wat er gebeurd is. Jij bent onderdeel van mijn verhaal en daarmee ook van mijn leven.
En dat verhaal bestaat niet alleen uit pijn.
Er waren momenten waarop het goed was.
Momenten waarop ik jou zag zoals ik je zo graag vaker had willen zien. Momenten waarop het leek alsof je schild even zakte en het masker dat je zo vaak leek te dragen er niet was. Alsof er even geen strijd was met de wereld, geen gevoel dat je jezelf moest verdedigen en geen spanning die steeds ergens op de achtergrond aanwezig was.
Op die momenten was je er gewoon.
En ik slurpte ze naar binnen.
Misschien wist ik toen nog niet waarom ik dat zo deed, maar ik denk dat ik het nu wel begrijp. Die momenten voelden kostbaar omdat ze nooit vanzelfsprekend waren. Ik wist dat de sfeer zomaar kon veranderen, dat er iets kon gebeuren waardoor jij weer terug zou verdwijnen achter dat schild. Een opmerking, een gebeurtenis, iets van buitenaf, iets dat verkeerd viel. Soms was er maar weinig nodig.
En dus deed ik, zonder dat ik daar misschien bewust woorden aan kon geven, mijn best om die momenten zo lang mogelijk te laten duren.
Ik werd een beetje de clown.
Ik zocht de gekkigheid op, maakte grapjes en daagde je op een leuke manier uit. Ik probeerde je aan het lachen te maken en genoot ervan als ik een gevat antwoord gaf waar jij even niets op terug wist te zeggen. Niet alleen omdat ik humor leuk vond, maar ook omdat ik ergens voelde dat zolang we samen konden lachen, alles even licht bleef.
Zolang jij lachte, was er geen ruimte voor spanning.
Geen ruimte voor triggers.
Geen ruimte voor alles wat zo snel tussen ons kon komen te staan.
Misschien was dat mijn manier om jou nog even bij me te houden.
Nog één grap.
Nog één keer lachen.
Nog heel even niet terug naar alles wat zwaar was.
Ik wilde die momenten rekken, zonder dat ik dat letterlijk kon. Door de sfeer licht te houden. Door gek te doen. Door steeds weer iets te zoeken waardoor jij kon lachen. Alsof ik daarmee kon voorkomen dat het moment zou omslaan.
En misschien is dat wel wat ik nu pas echt begin te begrijpen: ik genoot niet alleen van die momenten, ik bewaakte ze ook.
Niet door stil te zijn en bang af te wachten.
Maar juist door aanwezig te zijn. Door grapjes te maken. Door een beetje de clown uit te hangen. Door alles uit de kast te trekken om het fijn te houden.
Want als het fijn was, zag ik jou.
Dan zag ik niet alleen mijn moeder, maar ook de vrouw die kon lachen. Die gek kon doen. Die humor had. Die samen met mij kon genieten van iets kleins en onbenulligs.
En juist die kleine momenten zijn me bijgebleven.
Zoals die avond dat er een ambulance onze buurt in kwam rijden. Natuurlijk was ik nieuwsgierig en ging ik kijken en tot mijn verbazing zag ik jou al achter de bosjes staan.
Blijkbaar was jij net zo nieuwsgierig als ik.
En daar stonden we dan. Twee mensen die stiekem stonden te gluren.
Ik moet er nog steeds om lachen. (Uiteraard niet voor degene die opgehaald werd wat gelukkig niet zo ernstig was bleek achteraf).
Of de momenten samen in de auto. Goede muziek aan en geen behoefte om iets te zeggen. Niet omdat er iets ongemakkelijks tussen ons hing, maar omdat de stilte op dat moment gewoon goed was. Wij samen, onderweg, muziek op de achtergrond en even niets wat opgelost hoefde te worden.
En de avonden dat we alleen thuis waren. Dat ik een patatje ging halen voor ons en we samen op de bank een soap keken die we allebei volgden. Het waren geen bijzondere gebeurtenissen. Geen grote herinneringen waarvan je op dat moment denkt, deze ga ik later nooit vergeten en toch zijn juist die momenten gebleven.
Misschien omdat ze zo zeldzaam en tegelijkertijd gewoon waren.
Omdat ik dan even kon voelen hoe het misschien had kunnen zijn als samen zijn niet iets was waar je voortdurend alert op hoefde te zijn. Als het gewoon moeder en dochter was. Een patatje, een soap, een beetje lachen.
Niets meer.
Maar voor mij betekende het veel.
Ik heb jou gezien in die momenten.
Soms maar heel even.
Maar ik heb je gezien.
En misschien is dat ook waarom alles zo ingewikkeld is.
Omdat het voor mij niet zo simpel is als zeggen dat alles slecht was. Dat jij alleen maar pijn hebt gedaan en dat er niets is om naar terug te kijken. Dat zou niet eerlijk voelen. Niet omdat het slechte daarmee minder erg wordt, maar omdat het mooie er óók is geweest.
En misschien maakt juist dat het allemaal zo moeilijk.
Ik heb niet alleen afstand moeten nemen van de moeder die jij voor mij vaak was. Ik heb ook afscheid moeten nemen van de moeder die jij soms kon zijn.
Van de vrouw die ik zag wanneer je lachte.
Wanneer we samen gek deden.
Wanneer je naast me zat in de auto en stilte genoeg was.
Wanneer we gewoon samen op de bank zaten.
Misschien heb ik heel lang gehoopt dat die versie van jou ooit zou blijven.
Dat er ooit een moment zou komen waarop het schild niet meer nodig zou zijn. Waarop het masker af kon blijven. Waarop jij niet steeds hoefde te vechten tegen een wereld die, in mijn beleving, vaak al bij voorbaat tegen je leek te zijn.
Ik denk inmiddels iets beter te begrijpen waarom je dat schild nodig had. Misschien heb jij jezelf je hele leven moeten beschermen. Misschien heb je zoveel meegemaakt of zoveel pijn met je meegedragen dat je overal gevaar bent gaan zien. Dat je liever als eerste vocht voordat iemand jou kon raken.
Ik weet het niet.
Misschien zal ik het ook nooit echt weten.
Maar ik vind het verdrietig.
Verdrietig dat het leven voor jou, in mijn ogen, zo vaak een strijd leek. Dat je zo vaak klaarstond om verkeerde aannames te bestrijden. Dat er soms weinig ruimte leek te zijn voor de mogelijkheid dat iemand het misschien helemaal niet slecht bedoelde.
Ik denk soms dat je leven zo anders had kunnen zijn.
Makkelijker.
Liever.
Gezelliger.
Vrediger.
Maar ik weet ook dat het gemakkelijk is om dat vanaf de buitenkant te denken. Ik weet niet hoe het is geweest om jou te zijn. Ik weet niet welke angsten, overtuigingen en pijn jij met je meedroeg, ik denk het een beetje te weten maar echt weet ik het niet.
Misschien hoef ik dat ook niet allemaal te begrijpen.
Want begrijpen is iets anders dan goedpraten.
Ik kan proberen te begrijpen waarom jij bent geworden wie je bent, zonder daarmee te ontkennen wat het met mij heeft gedaan. Ik kan zien dat jij misschien ook je eigen pijn met je meedraagt, zonder dat ik daarom mijn eigen pijn kleiner hoef te maken.
Heel lang dacht ik dat ik moest kiezen.
Of ik hield van jou.
Of ik erkende wat jij mij hebt aangedaan.
Alsof die twee dingen niet naast elkaar mochten bestaan.
Maar dat kunnen ze wel.
Ik kan van je houden en tegelijk weten dat afstand nodig is.
Ik kan warmte voelen als ik terugdenk aan bepaalde momenten en tegelijkertijd verdriet voelen om alles wat er niet was.
Ik kan je missen en toch niet terug willen naar hoe het was.
Misschien is dat wel de moeilijkste vorm van afscheid. Niet afscheid nemen omdat er niets moois was, maar juist omdat je weet dat er ook mooie momenten waren. Omdat je weet hoe het voelde wanneer het even goed was.
Omdat je hebt gezien wat er soms mogelijk was.
En misschien is dit daarom mijn ode aan jou.
Niet omdat ik vergeet.
Niet omdat ik alles vergeef.
Niet omdat ik terug wil.
Maar omdat ik niet wil doen alsof jij voor mij alleen maar bestaat uit alles wat er mis is gegaan.
Er zijn herinneringen aan jou die warm zijn.
Kleine herinneringen. Soms gekke herinneringen. Soms heel gewone herinneringen.
Maar ze zijn van mij.
En niemand kan ze van mij afpakken.
Ik koester ze niet omdat ik daarmee ontken wat er gebeurd is.
Ik koester ze omdat ze ook onderdeel zijn van mijn verhaal.
Omdat jij, hoe ingewikkeld onze geschiedenis ook is, mijn moeder bent.
En omdat ik jou soms heb gezien.
Echt gezien.
Misschien is er ergens in mij altijd een klein deel dat zal blijven verlangen naar nog één zo’n moment.
Samen in de auto.
Goede muziek.
Een grap die jij niet zag aankomen.
Jouw lach.
Even geen verleden.
Geen strijd.
Geen triggers.
Geen schild.
Gewoon jij en ik.
En voor even zou het weer goed zijn.
Plaats een reactie